Item gefilterd op datum: april 2014

Voor het eerst in bijna 25 jaar zal er dit seizoen weer een Belgisch kampioenschap speedway zijn. De Speedway Club Helzold houdt dit jaar drie wedstrijden voor de titel, de eerste op 27 april aanstaande in Heusden-Zolder. Daarmee wil de club de spectaculaire speedwaysport weer een 'boost' geven.

De Speedway Club Helzold houdt al enige jaren als enige club in ons land speedwaywedstrijden - de tak van motorsport op een korte sintelbaan met twee bochten. Maar sinds het einde van de vorige eeuw is er geen Belgisch kampioenschap meer. Nico Moors van Speedway Club Helzold zegt dat er de laatste jaren bij de rijders toch vraag was naar een 'open Belgisch kampioenschap'. "We hadden altijd de 'beste Belgische rijder' bij de nationalen, maar geen Belgische kampioen. Wil je een officieel Belgisch kampioenschap hebben, dan moet dat door de bond, de Belgische Motorrijdersbond, erkend worden," aldus Moors. Dat is begin dit jaar gebeurd. De Raad van Bestuur van de FMB/BMB heeft toen het reglement voor de Belgische titelstrijd speedway goedgekeurd. In de drie wedstrijden die Speedway Club Helzold dit jaar organiseert, zullen rijders uit binnen- en buitenland strijden om het Open Belgisch Kampioenschap. De laatste wedstrijd van de reeks is ook de race om de 'Gouden Helm', de topwedstrijd van de club.

Speedway is een kleine tak van motorsport in ons land. Momenteel zijn er maar drie Belgen (Willy en Wim Kennis - vader en zoon - en Alessandro Borgia) die de sport beoefenen. Het deelnemersveld dat in het Helzold-stadion van Heusden-Zolder aantreedt, bestaat voornamelijk uit buitenlanders (Nederlanders, Duitsers, Polen, Tsjechen). "De sport is bij ons inderdaad niet zo populair," zegt Moors, "maar die wordt nu toch wel wat bekender omdat het Europees en wereldkampioenschap op Eurosport uitgezonden wordt."

Spanning

Speedway is volgens Moors een hele middag spanning en sensatie. In Heusden-Zolder racen de coureurs op een baan van 375 meter lengte. De motoren hebben geen remmen en geen versnellingen. De enige manier om door de bocht te komen is het laten uitbreken van het achterwiel om zo 'driftend' én tegensturend de bocht te nemen. Moors: "Het tandwiel in het achterwiel is zo groot dat het onmogelijk is veel grip te hebben in de bochten. Daarom breekt dat wiel ook uit en met je voorwiel moet je zien dat je je lijn kunt houden. Soms gebeurt het dat het achterwiel even wat meer grip krijgt en dan kun je zien wie de goede en minder goede rijders zijn. Het zijn echte acrobaten die soms langs de motor hangen om die onder controle te houden."

De rijders komen steeds met vier in de baan en moeten in vier ronden uitmaken wie de sterkste is. Tijdens de wedstrijddag werkt men naar een climax, een finale-heat waarin de beste vier het tegen elkaar opnemen. "Het zijn steeds heel korte wedstrijden, vol spanning en sensatie," weet Moors.

De motoren zijn ééncilinder 500 cc-exemplaren die op pure alcohol als brandstof rijden. De meeste coureurs komen met Tsjechische Jawa-motoren op de baan. De kosten van de speedwayracers zijn schappelijk. Moors: "Motorsport is altijd duur, maar met 2.500 tot 3.000 euro vallen de prijzen voor die motoren mee, zeker vergeleken met motorcross. De motoren zijn immers heel eenvoudig van opbouw. De grootste kost voor de Belgische rijders zijn de verplaatsingen naar het buitenland om te trainen en om wedstrijden te rijden."

Enige speedway-locatie

Er zijn namelijk slechts drie wedstrijden in ons land per jaar. Al in 1974 werd er in het Helzold-stadion van Heusden-Zolder gereden en in die jaren tachtig was er ook een belangrijke wedstrijd in Genk. Daarnaast waren er ook 'dirttrack'-races in Opgrimbie: zeg maar speedwaywedstrijden op een aarden baan. Maar in het begin van de jaren negentig was de sport zo goed als stilgevallen. In 1998 kon men opnieuw gebruik maken van het Helzold-stadion voor één wedstrijd met een optie op nog twee extra wedstrijden per jaar. Heusden-Zolder is de enige speedway-locatie in ons land, maar het aantal wedstrijden is er door de milieuwetgeving beperkt tot drie. "Dat maakt het moeilijk om met de sport te beginnen," zegt Nico Moors. "Buiten die drie weekenden hebben we geen extra trainingsdagen. Met één per maand zouden we al blij zijn. Nu gaan onze rijders trainen in Lelystad in Nederland, 200 kilometer hier vandaan. Je moet dat steeds op kunnen brengen."

Op wedstrijdweekenden in het Helzold-stadion wordt op zaterdag steeds getraind (de trainingen zijn gratis toegankelijk), de races hebben op zondag plaats. Na 27 april is de volgende wedstrijd op 22 juni (dat is ook een teamwedstrijd). Het Belgisch speedway-seizoen wordt afgesloten met de wedstrijd om de Gouden Helm op 25 augustus.'

Gepubliceerd in Vizier

Laatste Nieuws

K2 User